Gemiddelde woningprijs stijgt flink naar bijna 360.000 euro

De woningprijzen in Nederland blijven hard doorstijgen, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Bureau voor de Statistiek (CBS).  Huizen waren in de vorige maand januari 2021 maar liefst 9,3 procent duurder dan in januari 2020. Daardoor kost een woning nu gemiddeld bijna 360.000 euro.

De coronacrisis blijkt nog altijd geen enkele invloed hebben op de woningmarkt. Integendeel zelfs, waar onder bestaande particuliere koopwoningen de prijsstijgingen in 2019 wat afvlakten, kwam de prijsverhoging in 2020 weer in een versnelling.  Met 236.000 verkochte huizen was 2020, op 2017 na, het jaar met het aantal meest verkochte woningen ooit. De stijging ten opzichte van 2019 bedroeg 7,7 procent. En er is nog geen kentering te zien. In januari 2021 registreerde het kadaster namelijk niet minder dan 24.516 woningtransacties hetgeen veertig procent meer is dan januari 2020. Het is tevens de grootste procentuele stijging sinds 2015.

Wellicht dat deze wel erg forse stijging te maken heeft met een verandering van de regels: starters onder de 35 jaar hoeven geen overdrachtsbelasting meer te betalen sinds 1 januari en zouden daardoor de overdracht van het huis mogelijk vooruit hebben geschoven naar het nieuwe jaar. Aan de andere kant is de stijging zo groot dat afgevraagd kan worden of dit argument alleen wel valide is. Weliswaar betalen sinds 1 januari beleggers een sterk verhoogde overdrachtsbelasting van acht procent, maar de stijging van veertig procent in woningtransacties doet sterk vermoeden dat een groot aantal van hen zich daardoor niet heeft laten afschrikken.

De nieuwe cijfers geprojecteerd in een historisch perspectief zijn historisch van zichzelf: een gemiddeld huis is inmiddels 58 (!) procent duurder in vergelijking met juni 2013.

Gerelateerde berichten